Collecties voor uitleen

De SBBKG heeftverscheidene collecties samengesteld die wij voor een te bepalen duur uitlenen aan bedrijven, verenigingen, kerken, stichtingen, scholen en andere instellingen, of aan particulieren.
Hieronder vindt u kenschetsen van kunstenaars van wie wij werk kunnen exposeren, resp.:

  • Jan Bosboom (27 werken)
  • Jan van der Baan (25 werken)
  • Sebastiaan Galis (20 werken)
  • Andries Groen (28 werken)
  • Reinder Homan (11 werken)
  • Ger van Norden (19 werken)
  • Ad Pieterse (9 werken)
  • Riekele Prins (7 werken)
  • Jan van der Zee (5 werken)

In voorbereiding zijn tentoonstellingen van werk van Jan ten Have en C.P. de Wit.

Als u een geschikte ruimte weet waar werk uit onze verzameling zou kunnen hangen, mail dan naar info@sbbkg.nl

Ad Pieters

Ad Pieters werd op 28 juli 1916 in Groningen geboren. Een deel van zijn oeuvre wordt op dit moment in het depot van het Groninger Museum bewaard. De collectie bevat ongeveer veertig werken in zeer uiteenlopende technieken.  Het vroege werk bestaat uit figuratieve schilderingen op doek, waaronder een zelfportret en een stilleven. In de collectie bevindt zich verder een map met tekeningen en gouaches, waaronder kleurige landschappen, een havengezicht en een duinlandschap.

Andries Groen ‘Zo danst de zomer henen’

‘Zo danst de zomer henen’, deze titel gaf Andries Groen in 1966 aan een tekening die hij maakte in de omgeving van Huizinge. Op de voorgrond staan keurig in het gelid een aantal korenschoven, feestelijke zomersculpturen zoals we die tegenwoordig op het land zelden meer zien. Aan de horizon steekt de eigenwijze kerktoren van Huizinge net boven de bomen uit. Het is niet de enige tekening die Groen van het kleine gehucht ten noorden van Groningen maakte. Hij kwam er regelmatig omdat Jannes de Vries hier een huisje bezat, waar hij als goede vriend welkom was.

Ger van Norden en de Stichting Behoud Beeldende Kunsten Groningen. Achtergronden van een Verbintenis

Ger van Norden heeft zijn leven in dienst gesteld van zijn artistieke loopbaan. Zijn werk beslaat een periode van ruim zestig jaar. De vroegste (school)tekeningen dateren van de jaren ’30, het laatste werk is in 1994 tot stand gekomen. Uit het overzicht bleek ook de veelzijdigheid van zijn kunstenaarschap. Van Norden produceerde niet alleen autonome kunstwerken, hij ontwierp ook vloerkleden en maakte illustraties bij poëzie.

Jan Bosboom

Jan BosboomHet oeuvre van Jan Bosboom, die architect was in dienst van de Provincie Groningen, omvat ongeveer 800 tekeningen, schilderijen - de meeste in drukinkt met verschillende verfsoorten - en een aantal aquarellen en goaches, met als belangrijkste onderwerpen: dorpsgezichten in de omgeving, abstracte werken en reisherinneringen. In deze werken valt in de eerste plaats op dat het in de beeldende kunst meest gebruikelijke schildrij, in olieverf op doek, vrijwel geheel ontbreekt. Alleen in 1965 zette Jan Bosboom een tiental decoratieve patronen, die eruit zien als stofontwerpen, op fijn linnen, maar doorvoor gebruikte hij drukinkt in plaats van olieverf. Ook grafiek komt bij hem, met uitzondering van een enkel werk in de opleidingstijd, niet voor. Naar alle waarschijnlijkheid gaf 'het gedoe' met het spannen van linnen op spieramen en de vereiste zorgvuldige manier van werken bij de grafische kunst voor hem te veel beslommeringen. Jan legde graag direct en snel zijn impressie en expressie vast. Papier was daarvoor het voor de hand liggende medium. In de eerste plaats tekende hij op papier met pen en oostindische inkt, nu en dan ook met penseel. Toen de zogenaamde flowmaster en de viltstift in omloop kwamen, tekenmiddelen die bijzonder gschikt zijn voor vlot schets- en tekenwerk, was Bosboom een van de eersten die daarmee ging werken. Bosboom werkte dan wel niet met olieverf op doek, hij schilderde er wel mee op papier.

Jan van der Baan: Schilder van het landschap, het water, de stad

1966 Vrouw litho 36*52 FennekeDat Jan van der Baan al vroeg plezier kreeg in tekenen en schilderen had hij ongetwijfeld te danken aan zijn tekenleraar op de middelbare school, de Ploeg-schilder Jan Jordens. Zelf beschouwde hij Jordens als zijn belangrijkste leraar en als iemand die van beslissende betekenis is geweest voor zijn latere loopbaan. Jordens was dan ook een bijzondere pedagoog. Hij nam zijn lestaak serieus, was idealistisch en had vooruitstrevende ideeën over het tekenonderwijs. Zo was hij de eerste Nederlandse tekenleraar die in de jaren ’20 de vrije expressie in het tekenonderwijs in praktijk bracht. En in een tijd dat dit op scholen nog niet gebruikelijk was experimenteerde Jordens in de klas met grafische technieken.
Toch werkte Van van der Baan bij Jordens vooral in de academische traditie, hij moest tenslotte nog leren om de ruimtelijke materie weer te geven op een plat vlak. En in de periode dat hij vanaf 1931 de kunstvakopleiding deed aan de Academie Minerva en daarna in Amsterdam de opleiding MO tekenen volgde werd zijn werk nog academischer. Referenties aan moderne stijlen kwamen niet voor. Het realisme werd meer verfijnd en hij leerde het nodige op het gebied van stofuitdrukking en lichtval. Toen in 1934 zijn zusje Henny na een blindedarmoperatie herstelde, schilderde hij het doorschijnende kopje met het glanzende haar boven de zachte stof van haar kleding (afb.1). Bij diezelfde gelegenheid schilderde hij ook haar poppen, pretentieloze voorwerpen die zich in zijn omgeving aandienden. Ook toen al schilderde Van der Baan de dingen uit zijn eigen leefwereld.

Jan van der Zee

De SBBKG is dankzij de collectie Stubbe in het bezit gekomen van een aantal markante houtsneden van Jan van der Zee.” Compositie in bruin en geel” uit 1967 is daar één van. De werken zijn abstract van karakter en daarmee wijken ze af van de overige kunstwerken uit zijn verzameling, die bijna allemaal figuratief zijn. Zoals bekend liet Derk Stubbe zich bij zijn aankopen vooral leiden door zijn voorliefde voor Groningse landschappen en stadsgezichten.

Sebastiaan Galis – Hommage aan Picasso

Sebastiaan Galis werd op 9 augustus 1890 geboren in Meerssen. Na de middelbare school bezocht hij in Groningen de Academie Minerva, waar hij van 1907 tot 1919 werd opgeleid in goud- en zilversmeden en goud- en zilversmidstekenen. Nadat hij zijn einddiploma had behaald volgde Galis nog lessen aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen. Omstreeks 1921 vestigde hij zich als zelfstandig kunstenaar in Groningen.  Hoewel Bastiaan Galis prachtige voorwerpen maakte in goud en zilver, was de toewijding aan het ambacht kennelijk niet uitdagend genoeg. Galis wilde zijn reputatie vestigen als autonoom kunstenaar. Hij kreeg les in beeldhouwen van Jan Wiegers, zocht aansluiting bij De Ploeg en verzocht in 1925 om het lidmaatschap.